ADVISEREN VANUIT DE INHOUD

juni 22, 2015 9:54 am Gepubliceerd door
Marc_Noyons_blog_1

illustratie: Wouter Overhaus

Marc Noyons: ‘Culturele instellingen functioneren anders dan ‘‘gewone’’ bedrijven. Je kunt er als overheid allerlei economische en maatschappelijke doelen op loslaten, maar voor het effect daarvan is nauwelijks wetenschappelijk bewijs te leveren. Ik onderschrijf om die reden de suggestie van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid: stel de culturele waarde van instellingen – de inhoud dus – voorop.’

‘De nuchtere analyse van de WRR laat echter onverlet dat instellingen – zwaar getroffen door bezuinigingen – veel kunnen doen om vanuit hun inhoud de groeidoelstellingen te verruimen. Bijvoorbeeld efficiënter en flexibeler opereren door nieuwe ‘‘producten’’ en diensten te ontwikkelen. Maar ook door meer tijd en aandacht te besteden aan marketing en sales. Zo creëren culturele instellingen waarde op de lange termijn.’

‘Voor mij is culturele instellingen adviseren vanuit de inhoud al vele jaren een leidend principe. Glanzende rapporten schrijven, een riante vergoeding incasseren en het vervolgens daar bij laten is niets voor mij. Liever schrijf ik een compacte, richtinggevende notitie om vervolgens zelf de handen uit de mouwen te steken. Business development moet altijd ten dienste staan van de visie van de betrokken instelling en niet omgekeerd.’

Drijfveren

‘Het hoe en waarom van mijn aanpak is eenvoudig. Het draait om vier stappen in een vaste volgorde: investeren, ontwikkelen, tot uitvoering brengen en oogsten. Uiteraard kan een instelling pas investeren als er een doortimmerd plan is, of een overtuigend verhaal. Niet eerder en zeker niet vanuit de gedachte: we hebben geld nodig. Of: we moeten ondernemen omdat de overheid dat wil. Als dat je drijfveren zijn, ben je een slechte ondernemer.’

‘Natuurlijk kunnen overheden met subsidies zorgen voor een solide basisvoorziening. Maar een instelling met een goed plan ziet vervolgens vanzelf dat zij meer kan en gaat vervolgens ondernemen. Dat wil zeggen: het museum of theater als organisatie leniger en slagvaardiger maken, het artistieke ‘product’ verbeteren en/of vernieuwen investeerders zoeken en nieuwe doelgroepen aanboren. Als adviseur ben ik dagelijks bij dergelijke processen betrokken.’

EEN INSTELLING MET EEN GOED PLAN GAAT VANZELF ONDERNEMEN

‘In die rol blijf ik zo dicht mogelijk bij de instelling waarvoor ik werk. Het Kröller-Müller Museum, een van mijn opdrachtgevers, wilde een stichting oprichten voor de financiering van specifieke projecten met giften van particulieren en bedrijven. Ik las de vuistdikke biografie van Helene Kröller-Müller en voorzag haar beproefde concept van de Club van Gulden Boekers – mensen die het museum een warm hart toedragen – van een eigentijdse vorm.’

Weerstand

‘Aangezien ik kijk met een frisse blik naar de situatie die ik aantref bij culturele instellingen, doen mijn adviezen en werkzaamheden nog wel een stof opwaaien. Als de plannen eenmaal zijn goedgekeurd stuit ik alsnog op weerstand tegen de gewenste verandering. Om de instelling vervolgens ‘‘mee te nemen’’ in dergelijk transitieprocessen is vaak extra tijd en aandacht nodig om het beoogde kwaliteitsniveau te realiseren.’

‘Werken aan de zakelijke kant van instellingen past me als een handschoen. Ik startte mijn loopbaan bij het Nederlands Theaterinstituut waar ik o.a. verantwoordelijk was voor Dance has many faces – een reizende fototentoonstelling met werk van choreograaf Hans van Manen. Later was ik werkzaam in de filmwereld als distributeur en financier. Inmiddels kan ik terugvallen op een indrukwekkend netwerk en een gedegen kennis van financieringsmodellen. Maar voor mij blijft de inhoud leidend.’

Marc Noyons (Utrecht 1961) is adviseur business development in de culturele sector. In een volgende blog bespreekt hij een concrete casus die tot de verbeelding spreekt.